Skip to Content »


Onder 1 dak meer dan 50 banken en verzekeraars vergelijken?

Verberg

Financieel advies >Sparen & Beleggen >Levensloopregeling >

Levensloopregeling

Vanaf 1 januari 2006 heeft Nederland te maken met de levensloopregeling. Maar wat is nu voor u voordeliger: de nieuwe levensloopregeling of toch de oude vertrouwde spaarloonregeling?

Vanaf 1 januari 2006 kunt u de levensloopregeling gebruiken om te sparen voor een periode van onbetaald verlof. Al met al dient u de spaarloonregeling af te zetten tegen de levensloopregeling. De spaarloonregeling zal bij u bekend zijn, maar de levensloopregeling..

Levensloop

De levensloopregeling heeft als doel u te laten sparen voor tussentijds verlof. Op deze manier kunt u perioden financieren van onbetaald verlof, zoals zorgverlof, ouderschapsverlof of een sabbatical. Het geld kan eveneens worden gebruikt om eerder te stoppen met werken. Binnen de levensloopregeling hebt u als werknemer het recht om deel te nemen, er is dus geen verplichting. U kunt er dus ook voor kiezen de spaarloonregeling te behouden. Wilt u deelnemen aan de levensloop, dan dient u eenmaal per jaar aan uw werkgever aan te geven voor welk bedrag u wilt deelnemen aan de regeling. De hoofdregel is dat u van uw brutoloon maximaal 12 procent mag sparen. Dit is aanzienlijk meer dan de maximale 613 euro van de spaarloonregeling. Het gewenste spaarbedrag wordt vervolgens ingehouden van het bruto-inkomen en gestort op een speciale levenslooprekening of levensloopverzekering. De maximale opbouw binnen de levensloopregeling bedraagt 210 procent van het bruto jaarsalaris, ofwel 2,1 jaar extra verlof. Het opgebouwde saldo is eveneens vrijgesteld van de heffing in box 3. Om de levensloopregeling aantrekkelijker te maken, wordt gelijk met deze regeling een verlofkorting ingevoerd. U hebt dan recht op deze belastingkorting ad. 183 euro per jaar op het moment dat u een bedrag opneemt om onbetaald verlof te financieren.

Eerder stoppen met werken

U kunt het spaarbedrag naar eigen inzicht onderbrengen bij een bank of verzekeraar. Het voordeel van deze vrije keuze is dat de levenslooprekening of -verzekering gewoon kan worden aangehouden als u in de loop der tijd van werkgever wisselt. Wilt u het gespaarde bedrag opnemen voor een vorm van verlof, dan maakt de beherende instelling het bedrag over naar uw werkgever. Deze dient op zijn beurt eerst loonbelasting in te houden, waarna vervolgens het overgebleven bedrag op uw rekening wordt overgemaakt. Wilt u het opgebouwde bedrag gebruiken om eerder te stoppen met werken? Dan kan u uitgaande van de maximale opbouw zo’n drie jaar eerder stoppen met werken tegen 70 procent van uw laatstverdiende salaris.

Vooralsnog dient u een keuze te maken uit twee alternatieven die lastig met elkaar te vergelijken zijn. De keuze zal vooral gebaseerd zijn op fiscale verschillen. Een voorbeeld ter illustratie. U hebt een salaris van 30.000 euro bruto per jaar. Deelname aan de spaarloonregeling kost u jaarlijks 613 euro uit uw brutosalaris. Maximale deelname aan de levensloopregeling kost u 3.600 euro per jaar. De gespaarde 613 euro (geen rekening houdend met rente / rendement) per jaar uit de spaarloonregeling is in beginsel na vier jaar belastingvrij op te nemen. Om nu via de levensloopregeling hetzelfde nettoresultaat te halen, dient u bij een gemiddeld belastingtarief van 38 procent zo’n 990 euro bruto aan het levenslooptegoed te onttrekken. De spaarloonregeling valt voor u in dit voorbeeld dus op het eerste gezicht gunstiger uit. Maar wacht even, de verlofkorting zorgt misschien voor de nodige compensatie. Langs deze weg hebt u namelijk recht op een belastingkorting ad. 183 euro per jaar. Wel dient u dit tegoed dan te gebruiken voor de financiering van onbetaald verlof. Doet u dit niet, dan is en blijft spaarloon de beste keuze. Wilt en kunt u meer opzij zetten dan 613 euro per jaar om bijvoorbeeld eerder te stoppen met werken of om langdurig verlof op te nemen? Dan is de levensloopregeling vaak een betere keuze. Komt u er niet uit? Vraag dan uw FDC-adviseur om meer informatie.